Er zijn van die momenten waarop je ineens voelt: ik ben mezelf een beetje voorbijgelopen.
Niet met grote stappen, niet dramatisch maar in kleine haastjes. In steeds net iets te weinig adem tussen twee dingen door. In een lichaam dat al moe is voordat je hoofd begrijpt waarom.
Maart is zo’n maand die dat zichtbaar maakt, de wereld begint weer te bewegen en de dagen worden lichter.
Alles lijkt te zeggen: vooruit, kom maar weer mee.
Maar wie goed kijkt naar de natuur, ziet iets anders. Geen haast, geen sprongen alleen een langzaam, aandachtig openen. Alsof alles eerst even voelt: is het veilig? klopt dit tempo?
Wij zijn dat een beetje kwijtgeraakt.
In mijn praktijk zie ik het zo vaak: lichamen die al lang signalen geven voordat het hoofd durft toe te geven dat het te veel is, vermoeidheid zonder duidelijke reden. Onrust die niet verdwijnt door nóg iets te doen. Een subtiele weerstand tegen het tempo waarin alles moet.
Vertragen is voor veel mensen geen vanzelfsprekende beweging meer, het voelt bijna als falen, alsof je achterloopt, alsof je iets mist. Alsof je niet genoeg doet.
Maar vertragen is geen stilstand, het is afstemming. Het is dat moment waarop je schouders zachtjes zakken en je ineens voelt hoe zwaar ze eigenlijk al waren. Waarop je adem weer tot onder in je buik komt en waarop er ruimte ontstaat tussen wat je voelt en wat je daarna besluit te doen.
Maart nodigt ons niet uit om harder te lopen maar om bewuster te bewegen. Om soms even stil te staan voordat je verdergaat. Om niet elke impuls meteen te volgen. Om ruimte te laten voor jezelf in je eigen leven.
Niet omdat je minder zou moeten leven maar omdat je dan eindelijk weer echt aanwezig bent in je leven.
En misschien herken jij dit, misschien voel jij ook dat het tijd is om weer even te landen in je lichaam, in je adem, in jouw tempo.
Als dat zo is, weet dan: je hoeft dit niet alleen te doen. Soms is één afgestemd moment genoeg om de stroom weer te voelen veranderen.
Je bent welkom.
Liefs Petra